Nonsens?

Een kosmopoliet beschouwt de hele wereld als zijn/haar vaderland. Die houding impliceert dat zo iemand de wereld als dichtbij en beter beschouwd. Kent die dan niet het vreemde, lelijke of minderwaardige?
Er is voor zo ver we weten één wereld, de aarde.
Geleerden vonden het voorgaande te ingewikkeld. Nu hebben we het voortdurend over “globalisering”. De oplossing is blijkbaar in ons spraakverkeer dat bij een globaliserende wereld hoort een “globaal” bewustzijn. Dit is misschien wel te verklaren doordat zo’n globaal bewustzijn niet het persoonlijke ego, het eigenbelang, nationale normen en eigen lokale identiteiten miskent, maar ook in zich draagt dat “globaal” voortdurend kan transformeren.

Bacon en Descartes ontwikkelde in de 17 de eeuw al een ideaal beeld door te stellen dat de natuur als een object te benaderen is om het te kennen en te beheersen. Kortweg, de mens en de aarde niet te handhaven is als twee afzonderlijke substanties. In die these kan er dus geen dualisme zijn tussen mens en natuur, want daarvoor zijn ze van elkaar afhankelijk geworden om het evenwicht op onze aardkloot te bewaren.
Ieder van ons ziet, leest en koopt wat er elders uit de wereld komt. Meer dan ooit in de historie van de wereld zijn we afhankelijk geworden van het gedrag van anderen verder weg (vreemden) en de zorg voor een gemeenschappelijk ecosysteem als de aarde.
De consequenties van ieders opstelling bij een globaal bewustzijn heeft invloed op ieders houding en levensstijl, die gekoppeld is aan de insteek en het inhoud geven aan de Woerdense globalisering van de toekomst. Nonsens?

Martin Schreurs,
wethouder.